Wereldverhoudingen
Contacten 
E-cards 
Projecten 
Achtergrondverhalen 
Wereldverhoudingen 
Over deze organisatie 
Links 

english

deutsch

nederlands

Om de stichting te bereiken, mail naar:

wereldkaart@home.nl


Het besef dat we in een wereld leven is met de globalisering sterk toegenomen, al betreft het een eenzijdige eenwording waarbij de tweedeling in een rijke en arme wereld een onveranderd feit is. Na een lange geschiedenis van ontwikkeling in het Noorden ten koste van het Zuiden, lijkt er een top te zijn bereikt met een verrijking buiten alle proporties tijdens de internet hausse in de jaren '90 van de vorige eeuw. Langzaam dringt echter het besef door dat het zo niet verder kan. Verval van normen en waarden (ook in de zakenwereld) met conflicten voortkomend uit ongelijkheid in de wereld, doet mensen meer neigen tot het luisteren naar die 'stem uit het Zuiden'. Ook de klimaatverstoringen vergroten het besef op een wereld te leven (vreemd genoeg). Zij wijst op de noodzaak van verantwoorde ontwikkeling, in het Noorden als in het Zuiden.
Verder wordt dit gevoel op een wereld te leven natuurlijk versterkt door grote groepen mensen in Nederland die hun wortels elders hebben.

In de meeste Derde Wereld landen zijn er genoeg grondstoffen aanwezig om zelfstandig te kunnen functioneren.
Hoe komt het nu dat dat vaak niet het geval is? Een antwoord op die vraag is complex. Vaak waren de culturen in wat nu Derde Wereld landen zijn, primitieve culturen, waarbij het woord 'primitief', 'oorspronkelijk' betekent en geen bijklank behoort te hebben. Daar ligt meteen al een grote voetangel: de Europese en later westerse mens denkt erg vanuit zijn eigen wereld; hij is Europa-centrisch. Hierdoor ontstaat er een superioriteitsgevoel gebaseerd op de waarden hier die zijn opgebouwd uit ideeen uit het Calvinisme (voor Nederland) en handelsgeest (kapitalisme). Andere culturen kenden en kennen aan andere zaken waarde toe. Zo zijn bijvoorbeeld familiestructuren in Afrika veel hechter. Hechte familieverbanden betekent evenwel ook weer veel verplichtingen. Zo heeft alles zijn voor- en nadeel. Dat maakt het complex: het is moeilijk, zo niet onmogelijk een oordeel te vellen. Wat wel belangrijk en overduidelijk is, is de disbalans in materiele goederen in de wereld. Deze disbalans vindt zijn oorsprong in de koloniale periode. Goederen en mensen (slaven) werden rücksichtlos weggehaald en Europa bouwde haar rijkdom op over de ruggen van anderen. Hetzelfde is nog steeds het geval. Derde Wereld landen hebben vaak te maken met lage prijzen voor hun grondstoffen en produkten, lopen tegen tariefmuren op waarmee westerse landen hun markten beschermen en moeten vaak tegen zeer hoge prijzen de produkten kopen die met hun grondstoffen zijn gemaakt.
Een ander bijkomend probleem is het schuldenvraagstuk. In de jaren '80 was er veel geld bij de banken in het Westen dankzij grote verdiensten op de oliemarkt (de zogenaamde oliedollars). Derde Wereld landen werden leningen aangeboden en deze gingen daar (te) gretig op in. Het was onverantwoord zoveel geld aan die landen te lenen. Eveneens is het geld te gemakkelijk aangenomen en door malafide regeerders menigmaal op buitenlandse (Zwitserse) bankrekeningen gezet, (waardoor het weer 'hier' is natuurlijk). Veel geld verdween ook in bodemloze putten. Dit omdat geld alleen niet genoeg is. Er moet een hele infrastructuur, zeg maar, 'cultuur', zijn om het geld goed te besteden. Het geld kon vaak niet worden terugbetaald, maar de banken hielden voet bij stuk. Zelfs de rente kon men niet terugbetalen, zodat men op een bepaald moment rente over rente moest betalen: de Derde Wereld landen zitten klem in de schulden en men is niet of weinig bereid de schulden kwijt te schelden hoewel hier nu enige verandering in lijkt te komen door op initiatief van premier Blair de 18 armste landen hun schulden kwijt te schelden en verdergaander te spreken over het armoedeprobleem in de Derde Wereld.